Polycystic Kidney Disease bij katten (PKD)
Polycystic Kidney Disease (PKD) is een erfelijke nierziekte die vooral gevonden wordt bij Perzen en Exotisch Korthaar (kortharige Pers), maar ook voorkomt bij andere rassen waarbij in het verleden Perzen zijn ingekruisd.

Diagnose?
PKD wordt het makkelijkst vastgesteld door een DNA-test. Deze hoeft ook maar één maal gedaan te worden. Als een kat positief wordt bevonden hoeft nog niet te betekenen dat deze ziek word, hij/zij is wel drager dus moet verder worden uitgesloten van de fok. Ook is het verstandig om binnen enkele jaren verder echografisch onderzoek te doen om te kijken PKD wordt ontwikkeld, om tijdig met behandeling en aangepaste voeding te beginnen. Kijk voor meer informatie over de PKD-DNA test op www.gencouns.nl. Door echografisch nieronderzoek waarmee de ziekte vanaf tien maanden opgespoord kan worden. Door het scannen van de buik om de aanwezigheid van cystes vast te stellen. Er is zelden een verdoving nodig. Het is erg belangrijk dat de scan uitgevoerd wordt met goede apparatuur en de resultaten geïnterpreteerd door radiologisch getrainde dierenartsen. Als dit het geval is, is de diagnose voor 98% zeker.
PKD
Het ziekte verloop van PKD PKD is een langzaam verlopende progressieve ziekte met een uiteindelijk altijd dodelijke afloop. De kat wordt pas vrij laat in zijn leven echt ziek hoewel cystes al langer aanwezig zijn. Problemen beginnen met vergroting van de nieren, gestoorde nierfunctie en start gemiddeld met zo'n jaar of zeven. De ziekte is bewezen erfelijk en cystes zijn aanwezig vanaf de geboorte. De grootte ervan varieert van minder dan een millimeter tot verscheidene centimeters. Oudere dieren hebben grotere en meer cystes. De problemen waardoor de kat ziek wordt, beginnen wanneer de cystes gaan groeien en hierdoor het functionele nierweefsel in de verdrukking komt. Daardoor kunnen de nieren niet goed meer functioneren. De kat sterft uiteindelijk aan de gevolgen van chronisch nierfalen. Klinische kenmerken zijn onder andere lusteloosheid, vermageren, gebrek aan eetlust, veel extra drinken en extra urineren. Er is een groot verschil tussen individuele dieren in hoe snel ze ziek worden en hoe lang het duurt voor ze aan de ziekte bezwijken. Het is ook mogelijk dat een dier op eerdere leeftijd aan een andere ziekte overlijdt, voordat de nierfunctie door PKD zo dramatisch is verminderd dat het ziekteproces begint. Wat zeker is, is dat een kat die cystes heeft, altijd ziek zal worden en problemen krijgen die uiteindelijk tot overlijden leiden. Hoe moet een fokker PKD uit een fokgroep elimineren? Aangezien PKD het resultaat is van 1 autosomaal dominant gen, is het vrij makkelijk om dat gen te traceren en te verwijderen uit een fokbestand in 1 generatie. Alle fokdieren moeten gescand worden om de aanwezigheid van cystes vast te stellen. De snelste manier om het probleem te elimineren is alle aangedane dieren te castreren / steriliseren en alleen door te fokken met PKD-negatieve dieren. Een PKD-vrije kat is altijd genetisch PKD-vrij en kan de ziekte dus niet meer doorgeven aan nageslacht.